Boerenkool met worst

Ingrediënten voor 4 personen

2 vleesribbetjes (ongemarineerd)
ongeveer 900 gram boerenkool (panklaar)
1 kg kruimige aardappels
zout, peper
250 gram magere spekreepjes
25 gram boter
melk (ik schat 150 ml)
Scheutje natuurazijn
erbij: (magere) rookworst, zilveruitjes, mosterd
extra nodig (of in elk geval handig): groot vergiet

Bereidingswijze

Dit is echt een oud familierecept. Het allerlekkerst met verse boerenkool uit de moestuin van opa, waar de vorst even overheen is geweest. Het is het lievelingseten van de jongste thuis (en staat ook hoog op mijn persoonlijke lijstje), dus voor de vorstperiode maken we het ook graag met een zak boerenkool uit de supermarkt.

Het beste resultaat behaal je als je de volgende stappen opvolgt.

Zet in een pan een bodem water op met zout en kook hierin de vleesribbetjes op laag vuur minstens één uur, liefst nog wat langer. Let op dat er altijd een beetje water in de pan blijft, vul zo nodig tussentijds het water aan.

Zet in een grote (soeppan) de boerenkool op met een klein laagje water en zout, breng aan de kook en kook zeker 15 minuten. Giet nu af in een vergiet (en laat de boerenkool even in het vergiet).

Schil intussen de aardappels.

Doe de aardappels in de lege soeppan. Doe de boerenkool uit het vergiet op de aardappels. Neem de vleesribbetjes uit de pan met een tang en leg deze op de boerenkool. Giet het kookvocht van de ribbetjes voorzichtig in de soeppan. Vul zo nodig aan tot er ongeveer 3-4 cm water/kookvocht in de soeppan zit en breng aan de kook.

Kook op laag vuur in circa 20-25 minuten, tot de aardappels gaar zijn. Leg de laatste 5 minuten de rookworst(en) op de ribbetjes (verwijder de verpakking).

Bak in de tussentijds de spekjes zachtjes uit in een koekenpan.

Neem de rookworst en de ribbetjes uit de pan en leg deze op een diep bord. Leg de deksel van de soeppan erop zodat het vlees warm blijft. Giet de aardappels en boerenkool af in het vergiet en doe terug in de pan. Voeg de boter toe en een scheut melk en azijn en stamp / pureer tot een mooie stamppot. Voeg zo nodig nog wat melk toe tot een smeuïg stamppotje ontstaat. Roer de spekjes (met het spekvet) door de stamppot.

Serveer de stamppot met de worst, ribbetjes (voor de liefhebber), zilveruitjes en mosterd.

Eet smakelijk!

En eerlijk is eerlijk: ik houd zelf dus echt niet van de gekookte ribbetjes, dus die eet ik niet.
De stamppot wordt wel extra smeuïg als ik dit recept volg. Soms kost me dat teveel tijd en ga ik voor de makkelijke versie zonder de ribbetjes: aardappels, boerenkool, water en zout in een pan, 25 minuten koken en stampen met melk en boter. Wel met spekjes, rookworst, zilveruitjes en mosterd uiteraard, maar zonder de ribbetjes. Is toch niet helemaal hetzelfde, maar wel een prima (sneller) alternatief.